Droomtijd

We gaan terug in de tijd. Ver terug, heel ver terug. Zo ver terug in de tijd dat er geen tijd bestond. Kan je dat voorstellen geen tijd? Hoe mooi zou dat zijn! Geen wekker om 7.00 uur. Geen werk of school om 8.30 uur. Geen koffie om 10 uur precies. Geen lunch om 12.30 uur. Om 16.00 uur geen vieze oplossoep. Geen Achtuurjournaal.

Langzaam wordt het licht. Voorzichtig breekt de zon door het wolkendek heen. Ik kijk om me heen. Wat een rust. Ik rek me uit en begin aan mijn dag. Geen ordening van de dag door tijd. Ik kijk wat om me heen en drink wat water. Mijn kindjes zijn al wakker zo te horen. Ze zingen een lied. Een lied dat ze van de week geleerd hebben. Een lied over water en hoe lekker water is. Het is een vrolijke melodie en ze begeleiden zichzelf met wat zelfgemaakte ritmestokjes. Het klinkt eigenlijk best cool en ik betrap mezelf erop dat mijn hoofd enigszins meedeint op het ritme. Ik moet ervan lachen. Het is een mooi tafereel zo in de opkomende zon.

Vannacht heb ik intens gedroomd. Over een mooie liefde. De liefde voor elkaar. Over de liefde voor de wereld. De liefde voor de natuur. Ik besluit mijn droom uit te schilderen. En in mooie kleuren krijgt mijn droom een fysieke vorm. Met strepen, stippen en vormen. Abstract dat wel, maar heel erg puur. Omdat de tijd voor dat er tijd was ook geen geschreven werk bestaat weet ik eigenlijk ook niet beter. Niets of minder weten kan ook zeer bevrijdend en verfrissend werken. Ik meng nog wat kleuren door elkaar. Bob Ross zou trots op me zijn. En hoewel zijn landschappen erg verschillen van de mijne, zijn de overeenkomsten toch bizar groot. De liefde voor de natuur en het vastleggen van iets prachtigs. Kunnen genieten van je omgeving. Van de bomen die je ziet, de bloemen en het kabbelende beekje. Beide proberen de wereld een stukje mooier te maken. En beide natuurlijk prachtige unieke kapsels!

Mijn schilderij ligt nog te drogen in de zon. Ergens in de afgelopen manen heb ik geleerd dat als er blaadjes van bomen dwarrelen het ook kouder gaat worden. Als ik mijn kids dit vertellen wil zijn ze heerlijk aan spelen. Ik wil ze niet storen. Nergens leer je zoveel van iets als van spelen. Ik besluit dat ik de kennis over de blaadjes vast wil leggen om het ergens later aan hen te vertellen. Vergeetachtig als ik ben heb ik hiervoor wel een herinnering nodig. Maar ja, als er geen tijd is en nog gen geschriften bekend zijn ben ik aangewezen op mijn creativiteit.

Ik moest even denken aan toen ik wakker werd. Dat de kindjes zo lekker aan het zingen waren. Over water. En ik besluit mijn ideeën over de vallende blaadjes vast te leggen in een lied. Een mooi lied met warme klanken. Zo warm als de kleuren van de bladeren. Met als melodie het blad, dat naar beneden zijn weg vindt. Dat als refrein de wind is, die de bomen helpt om de koude periode door te komen. Met het ritme van de zon die komt en gaat en schijnt over de aarde. Soms fel, soms verscholen achter de wolken.

En als het donker wordt zing ik dit lied voor mijn kinderen. Voor het slapen gaan. En nog een keer. En omdat het zo mooi is nog een keer. Zelf duik ik ook mijn nestje in. Als ik wakker word hoor ik een lied. Van dwarrelend blad, dat gedragen wordt door de wind en in de zon een plek vindt om een plant te beschermen tegen de kou. Glimlachend sta ik op. Knuffel mijn kindjes en wil ze zo graag vertellen nooit te gaan geloven in tijd.

Geef een reactie